Hoe herfst in mijn lijf plaatsmaakt voor het voorjaar van hoop.
Donderdag 26 oktober rij ik naar het ziekenhuis voor de vijfde chemokuur. Het regent, bladeren vegen over de voorruit. Het is herfst, ook in mijn lijf; mijn kracht lijkt af te nemen.
In het laboratorium mag ik voor. De zuster zoekt een ader, de rechterarm kan niet meer, die is aangetast door eerdere chemo. De linkerarm doet dienst, bloed wordt afgenomen en naar het lab gebracht. Een uur wachten op de waarden, spannend zoals altijd. Treurige muziek klinkt op de achtergrond… waarom niet iets vrolijks?
Tegenover mij hangt een rek vol lectuur. Ik pak KRACHT. Op de voorpagina: “BEHOED JEZELF voor treurnis, sta stil bij al het MOOIE.” Een man met één been vertelt over botkanker en de onzekerheid die het brengt. Een jonge vrouw met uitgezaaide kanker staat op een andere pagina; onderaan lees ik dat ze overleden is. Hoezo behoeden voor treurnis?
“Hallo Carolien,” roept Marja. Ze heeft mij toen het slechte nieuws verteld en leeft altijd mee met warmte en eerlijkheid. Zij is een zegen.
Het goede nieuws: mijn bloedwaarden zijn prima. De kuur gaat door. De week ging goed, bijwerkingen zijn te doen. Vermoeidheid blijft, maar langzaam leer ik mijn grenzen kennen. De oncoloog zegt: “Je lichaam is constant met een marathon bezig.” Langzaam accepteer ik de herfst in mijn lijf, maar ik weet dat er weer een voorjaar komt
Dat behoedt mij van treurnis
Mattheüs 5:4 –
"Zalig zijn zij die treuren, want zij zullen getroost worden."
Geen opmerkingen:
Een reactie posten