Afgelopen week had ik controle bij de oncoloog, spannend moment. Anneke en ik zitten in de wachtkamer, het was koud buiten. “Brr, ik hoop dat de arts warme handen heeft,” fluister ik en we grinniken samen. Even luchtig, want de spanning is voelbaar in mijn lijf. Mijn droge mond wordt weggelachen, ik ben er best goed in geworden.
De arts haalt ons en kijkt vriendelijk over zijn leesbril. “Hoe is het gegaan de laatste maanden?” vraagt hij. Ik wil eigenlijk direct de bloedwaarden weten, maar hij neemt rustig de tijd. Mijn energie komt langzaam weer terug, mijn lichaam herstelt. Het bloed ziet er prima uit, de zware kuur is goed doorstaan. Alleen mijn cholesterol vraagt nog wat aandacht.
Dan volgt het onderzoek. “Trek de bovenkleding maar even uit,” zegt hij met een charmant accent. Mijn pruik schuift mee, ik leg hem sierlijk op het kastje en glimlach verlegen. Het is een beetje gênant, maar hij maakt er geen probleem van. Alles wordt rustig gecontroleerd, en uiteindelijk zegt hij: “Het ziet er allemaal keurig uit. De pijn in de borst zijn naweeën van chemo en bestraling, dat kost tijd.”
Aan het eind van het gesprek geeft hij me een stevige hand. “Je doet het heel goed, tot over een half jaar.” Binnenin borrelt een feestje. Mijn lijf voelt opgelucht, mijn hart is dankbaar. Ik ben kankervrij.
Praise the Lord.
Romeinen 8:37 (HTB)
"Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem die ons heeft liefgehad."